Lies Nijman | Rouwen in december – buiten de gezelligheid, vanbinnen de leegte

Als je rouwt, is december niet vanzelfsprekend een feestje. Lies weet uit eigen ervaring hoe pijnlijk dit contrast kan zijn: ‘Buiten zijn de mooie etalages, de supermarkten met kerstmuziek, de kerkdiensten over hoop en licht, en het schitterende vuurwerk. Vanbinnen voel je echter het gemis, de pijn en de leegte.’ Haar advies: ‘Houd rekening met je rouw.’

Leeg

Veel mensen die rouwen, zien enorm op tegen de feestdagen. Als er een maand is waarin het extra merkbaar is dat een geliefde niet meer bij ons is, dan is het wel de maand december. De kou en het donker maken dat we minder naar buiten gaan en meer behoefte hebben aan gezelligheid en warmte. Maar ondanks een kop warme chocolademelk bij de houtkachel, blijven we ons vanbinnen zo leeg en verlaten voelen. We verlangen zo naar degene die we missen.

December in een ander licht

Als een kind is overleden, is het gemis zo pijnlijk voelbaar bij de intocht van Sinterklaas. Of bij het bijwonen van de kerstmusical, waarin zij altijd zo prachtig zong. Als een vader is overleden, is het confronterend dat hij niet meer kan helpen met surprises maken. Dat hij de stam van de kerstboom niet meer mooi kan afzagen en niet meer die prachtige verhalen kan voorlezen. Als de moeder overleden is, wordt alles anders als zij meestal speculaas bakte en later de feestelijke kerstmaaltijden klaarmaakte. Juist die gewone, gezellige dingen, komen in een heel ander licht te staan. Als de normale invulling wegvalt, beseffen we pas goed wat degene die we missen voor ons heeft betekend.

‘Het contrast tussen het leven buiten en het leven vanbinnen is groot.’

Het uiteenvallen van een gezin door de dood kan zo pijnlijk zijn. Juist rond de feestdagen in december. Het contrast tussen het leven buiten en het leven vanbinnen is groot. Buiten zijn de mooie etalages, de supermarkten met kerstmuziek, de kerkdiensten over hoop en licht, en het schitterende vuurwerk. Vanbinnen voel je echter het gemis, de pijn en de leegte.

Houd rekening met je rouw

Intense rouw doet een behoorlijke aanslag op onze fysieke en emotionele mogelijkheden. We doen er goed aan om met de feestdagen rekening te houden met onze beperkte weerstand, onze beperkte energie en gevoelens van gemis. Het is daarom goed om met mildheid naar onszelf te kijken en om niet krampachtig hetzelfde te willen presteren als andere jaren.

‘Mijn eerste kerst na het overlijden van Monique vond ik heel verwarrend,’ vertelde Peter mij op een ontmoetingsdag voor rouwenden. ‘Zal ik wel of geen boom kopen? Zal ik mensen uitnodigen, of wachten tot anderen mij uitnodigen? Wil ik dat eigenlijk wel?’ Hij had aan de ene kant behoefte aan gezelligheid, aan de andere kant was hij bang dat hij anderen tot last zou zijn. Bang om het plezier van anderen te bederven. Het lukte hem amper om de dag door te komen. Gezellig meedoen zou gewoon niet lukken. Op de meest onverwachte momenten huilde hij. ‘Daar kun je een ander toch niet mee lastigvallen?’

‘Het is goed om met mildheid naar onszelf te kijken en om niet krampachtig hetzelfde te willen presteren als andere jaren.’

Maar zijn vrienden Mieke en Jos begrepen dat. Bij hen mocht hij aanschuiven en ook weer weggaan zodra hij dat wilde. Omdat zij Monique goed kenden, durfde Peter het aan. Hij wist dat hij niet hoefde te zwijgen over haar, wat hij dat bij anderen nogal eens deed. Mieke en Jos wilden de verhalen over Monique telkens weer horen. Ze gaven hem het gevoel dat niet alleen hij, maar – met hem – ook Monique welkom bleef. ‘Blijf over haar vertellen,’ hadden ze gezegd.

Stond de tijd maar stil

Ik liftte altijd mee met het Sint- en kerstenthousiasme van mijn man Jan. Hij maakte surprises die je niet wilde weggooien, omdat ze veel te mooi waren. Lange gedichten die ieder jaar eindigden met dezelfde regels. Hij maakte van papier een prachtig mobiel van engeltjes. Urenlang keken we oude kerstfilms. Grote legpuzzels kwamen op tafel. Kerstmuziek klonk uit de oude doos.

‘Gelukkig zijn, kon dat nog zonder hem?’

Ik wist dat ik meteen vanaf de eerste kerst zonder Jan weer een echte boom wilde kopen. Als een soort belofte dat ik het voor mezelf ook gezellig zou maken. Dat ik zou leven. Het gemis tijdens die maand december was enorm. Gemis van zijn humor, creativiteit en klassiek gitaarspel. Gemis van verbondenheid en gezelligheid. Het gemis was zo intens dat het lijfelijk pijn deed en ik soms niet kon eten. Hoe kon ik een nieuw jaar beginnen zonder hem? Hoe kon ik hem achterlaten in het oude jaar en iedereen ‘Gelukkig Nieuwjaar’ toewensen? Hoe kon ik zelf die wens ontvangen? Gelukkig zijn, kon dat nog zonder hem? Ik kon het me echt niet voorstellen. Ik wilde dat de tijd zou stilstaan, maar alles ging maar verder en zelfs het nieuwe jaar hield geen rekening met mijn verlangen nog even te mogen blijven in het jaar dat hij stierf.

De gedachte aan oudejaarsavond benauwde mij. Toen kreeg ik het idee om mensen een bedankbrief te schrijven. Voor alle steun van het afgelopen jaar waarin Jan maandenlang op zijn ziekbed had gelegen. Ik las de brief in de kerk voor en vroeg of mensen naar mij toe wilden komen om mij de oudejaarsavond door te helpen en of zij wat lekkers wilden meebrengen.

Een andere invulling

Als een geliefde overlijdt, wordt alles anders. Ook al vullen we de feestdagen precies hetzelfde in als andere jaren, toch is alles voor altijd anders. Bovendien zorgt de rouw ervoor dat we nog niet kunnen genieten van wat voor gezelligheid dan ook. Dat is erg confronterend. Het kan goed zijn om juist daarom een andere invulling aan de dagen te geven. Om er van tevoren over te praten en af te stemmen met familie of vrienden. Misschien dat het een jaar later wel weer lukt om uitgebreid te koken of dat kerstconcert mee te maken. Misschien kunnen we nu proberen te ontvangen wat anderen ons deze kerst willen geven: warmte, verbondenheid en gezelligheid.

Een beetje trots

Veel mensen reageerden op mijn brief. Op Oudejaarsavond kwamen zij langs met allerlei lekkernijen. Het was verzachtend. Hartverwarmend. We zaten bij de open haard en haalden herinneringen op aan Jan. We spraken gebeden uit en brandden kaarsen. Ik was dankbaar en ook een beetje trots op mezelf.

Het was bijna middernacht, het aftellen was begonnen. Het nieuwe jaar stond voor de deur en ik deed aarzelend open. Ik nam een slokje van mijn wijn, keek met tranen in mijn ogen naar het geschilderde portret van Jan dat aan de muur hing en zag warempel dat ook hij trots was op mij.

Bekijk ook