Blog Sanne | Ik roep haar naam in het bos

Lange tijd houdt Sanne zich in tijdens het rouwen om haar dochter Roos (2).Ze had wel willen schreeuwen om dit verlies, maar deed het niet. Maar is het werkelijk zo raar om alles er eens uit te gooien? ‘Ik heb me in stilte teruggetrokken, terwijl ik had willen vechten.’

Roos, ik heb je naam geroepen. Als een moeder die haar kind zoekt. Ik heb het zo lang niet gedaan, ik heb het zolang niet gedurfd.

Bos

Het is avond en ik loop in het bos. Het eerste uur dat ik er loop, zijn er stelletjes, mensen met honden en hardlopers. Ze lopen of rennen mij voorbij. Ik loop alleen.

Het voelt ongemakkelijk. Ik wil alleen zijn en ben niet alleen. Soms zoek ik die stilte op in het bos, als ik het thuis niet kan vinden. Als ik even ga zitten op een boomstronk, probeer ik de mensen aan me voorbij te laten gaan.

Hoeveel mensen valt het op dat ik hier zit zonder doel? Zonder een hond, maatje of sportieve outfit? Waarom houd ik me zo bezig met anderen, terwijl ik gewoon alleen wil zijn? Stil wil zijn.

Rustiger

Ik sta op en loop verder het bos in, het wordt steeds rustiger. In het bos en in mijn gedachten. Ik denk aan het vele rekening houden met anderen, met normaal doen, ook in rouw. Dat ik had willen schreeuwen om haar verlies en het niet heb gedaan.

Ik heb me in stilte terug getrokken, terwijl ik had willen vechten. Een brok boosheid heeft zich lange tijd in mij schuilgehouden. Als ik het tegenkwam, hield ik het nog meer gevangen.

‘Ik heb me in stilte terug getrokken, terwijl ik had willen vechten’

Het leren uiten lukte alleen binnenkamers. Als iemand zei: ‘je moet het eens eruit gooien, buiten’, dan klapte ik dicht. Ik ga niets loslaten buiten, het is raar. Een kind roepen dat er niet meer is.

Roos

Roos

Wat is normaal?

Waarom? Waarom zijn dingen raar in rouw? Als je ten diepste voelt wat verlies is. Als je moet leven met iets dat er niet meer is.

Wie bepaalt wat normaal is in rouw? Als het maar niet vervelend is voor anderen? Als niemand zich eraan stoort?

Ik roep

Ik loop nog steeds met deze gedachten. En er komt rust: wat ik zolang niet heb gedaan, gedurfd, mag. Ik voel het. En ik roep haar. Ik roep haar hier in het bos. Eerst hard dan zacht.

Het lucht op, ik heb dit zolang niet gedaan. Mijn moederhart huilt en lacht, ze voelt zo dichtbij. Ze hoort bij mij, ze is deel van mij.

Het is goed en ik wandel verder in stilte. Ook in rouw ontdek ik om dat te doen wat ruimte vraagt. Dat is ‘normaal’. En haar naam te blijven noemen in gemis en in herinnering. Want ze hoort bij mij, ze is deel van mijn verhaal.

Bekijk ook