Navigatie overslaan
Steun ons
Uitgelichte afbeelding

Rozemarijn Dekker–van der Giessen verliest haar man aan darmkanker: 'Soms voelt het alsof ik hem naast mijn oor heb'

Ik mis je, vrijdag 27 februari

Leestijd: 3 minDoor Iris Versluis

Wat voor Rozemarijn en Arie begint als iets kleins tussen buurman en buurvrouw, groeit via berichtjes en een wandeling uit tot liefde. Tot een diagnose alles stilzet.

Rozemarijn en Arie, allebei alleenstaand, ontmoeten elkaar in de straat. Ze wonen beide alleen en zijn buurman en buurvrouw. Rozemarijn: “Hij liep met zijn hondje langs mijn huis en zo nu en dan maakten we een praatje.” Arie verhuist na een tijdje naar een plek vijf kilometer verderop. “We hielden wel contact via sociale media”, vertelt Rozemarijn, “Vaak waren het dan verhuisfoto’s of klusfoto’s. We spraken af om een keer te gaan wandelen met de honden. Zo is de liefde eigenlijk gekomen.”

Gezelligheid brengen

Rozemarijn gaat al snel achter hem aan en verhuist ook. Rozemarijn: “Hij had een echt mannenhuis. Nergens planten of bloemen, maar het was heel strak en netjes. Een bank, een tafel en een PlayStation. Dat was het. Ik bracht de gezelligheid in huis. Letterlijk en figuurlijk. Hij was gewoon zoals hij was. Dat vind ik ook het leukste aan hem.”

Laatste dagen

Maar dan slaat de bom in. Arie blijkt darmkanker te hebben, waar geen behandeling meer voor mogelijk is. Het zit al door zijn hele lichaam heen. “Hij had verdriet en onbegrip”, vertelt Rozemarijn. “Hij moest het leven gaan loslaten, terwijl hij nog zo jong was. Dat was heel moeilijk. Hij stond nog volop in het leven.”

'Er is een stoel leeg en een plek aan tafel die niet gevuld is.'

De laatste dagen brengt Arie door in een hospice, waar Rozemarijn ook dag en nacht is. “De ochtend dat hij overleed werd ik door het personeel geroepen. Ik was erbij toen hij stierf. Dat moment ging heel snel; opeens was hij er niet meer. Dat is heel onwerkelijk. De eerste weken leefde ik echt in een roes. En dat heb ik na twee jaar af en toe nog. Er is nog een leegte. Er is een stoel leeg en een plek aan tafel die niet gevuld is.”

Kleine wens

Arie heeft één kleine wens. Hij wilde op een bepaalde plek op de begraafplaats liggen. Rozemarijn: “Het graf ligt ter hoogte van de plek waar we elkaar ontmoet hebben en dus gewoond hebben. Als je over de heg van de begraafplaats heen kijkt kan je de plek zien. Voor hem is zo de cirkel rond.”

Troost

Rozemarijn: “Als hij mij zo ziet staan, denk ik dat hij zou zeggen dat hij trots op me is, hoe ik met ups en downs het leven weer heb opgepakt. Het lukt me om zijn stem te horen. Soms voelt het alsof ik hem naast mijn oor heb.”  Rozemarijn legt een vers bosje bloemen op het graf waar haar man Arie ligt. Ze komt iedere week langs. Voor rust. Maar ook voor het kunnen samenzijn met haar geliefde. “Het troost me dat ik bij hem kan zijn, bloemetjes kan neerzetten en kaarsjes kan aansteken. Dat is voor mij heel fijn.”

Cadeau voor jou: gesprekskaartjes over rouw

Gratis gesprekskaarten bij rouw: een laagdrempelige manier om samen in gesprek te gaan over verder leven met gemis. Bestel ze hier: eo.nl/gesprek-rouw 

Ik mis je

Dit artikel hoort bij het programma

Ik mis je

Ik mis je