Blog Sarah | Wat is de lente anders

Het ontluiken van de lente roept veel gevoelens op bij Sarah. Ze geniet en mist haar moeder tegelijk. ‘Ik geniet zoals zij zou doen en misschien wel doet.’

Lentegemis
Wat is de lente anders
nu jij er niet meer bent.
Het voelt minder bloemig
en alsof dit gevoel nooit went.
Soms heeft het een plekje,
de leegte die je achterliet.
Maar vaker dan het plekje,
geeft het me nog verdriet…

Verdriet in de lente

En weer is dat lenteverdriet er. Nu de de lente nabij is, de knopjes zichtbaar worden en willen ontspringen, narcissen en krokussen hun schoonheid tonen en binnen de geur van bloeiende hyacinten de ruimte vult. Op die momenten is in de schoonheid van de natuur ook het verdriet van het gemis. Mijn moeder hield van deze periode. Van de ontluikende lente.

Ik ben een weekend weg op de Veluwe. Het is prachtig. Je ruikt, voelt, ademt en proeft bijna de natuur. Tijdens het heerlijke ontbijt stelde ik me voor dat mijn moeder bij me zou zitten. Terugdenkend aan al onze weekendjes weg. Ik geniet en mis tegelijk.

‘Het lijkt zo lang geleden en tegelijk nog zo dichtbij’

De herinneringen aan alle ontbijtjes, de wandelingen in bos-, duin- en zeegebieden, het genieten van de stadse bedrijvigheid. Lekker eten en drinken en onbezorgd genieten. Het lijkt zo lang geleden en tegelijk nog zo dichtbij. Bijna tastbaar.

Moeder-en-dochterdingen

Ik stelde me tijdens het ontbijt voor hoe mam een cappucino zou nemen en een croissant. Dat we zouden kletsen over moeder-en-dochterdingen en wat zouden kibbelen. Dat mam een bruine coltrui zou dragen met spijkerbroek en zwarte wandelschoenen. Een paarse sjaal.

Haar lippen zouden mooi rood gestift zijn en na het lippenstiften zou ze vragen of er niks op haar tanden was achtergebleven waarna ik lachend de rode puntjes lippenstift van haar voortanden zou vegen.

Buiten zou ze haar wandeljas dragen. Haar steile blonde bob zou wiegen in de wind. Ze zou genieten. Van de natuur, de ontluikende lente en van het leven. Ze zou genieten, net zoals ik dat doe.

Omhoog

Tijdens het wandelen hoor ik de vogeltjes in stereo fluiten, de wind waait door de hoge boomtoppen en het hout kraakt. Stiekem kijk ik omhoog of ik haar niet ergens misschien toch zie. Ik zie niks.

Maar ik voel haar wel. Er is een lijn tussen hemel en aarde. Ik geniet zoals zij zou doen en misschien wel doet. En zo blijven we voor altijd verbonden.

Bekijk ook