Blog Petra | Vertel ik vreemden over Laura en Lennard?

Het is lastig nieuwe mensen te vertellen over haar overleden kinderen, merkt Petra. Het ongemak en de schok bij de ander zijn groot, evenals de confrontatie voor haarzelf. Maar Laura en Lennard horen er nog zó bij, dat erover zwijgen ook echt niet goed voelt.

Nieuwe buren

Een gezin uit onze buurt gaat verhuizen. Ze geven een uitzwaai-tuin-feestje en ik ben uitgenodigd. Deze lieve buurtjes hebben het overlijden van Laura meegemaakt en hebben daarna regelmatig met me meegeleefd. En wat heeft me dat goed gedaan, dat meeleven, waarbij Laura’s naam genoemd werd en mijn verdriet er mocht zijn.

Nu komen er nieuwe mensen wonen die, naast de buurtgenoten, ook uitgenodigd zijn. Niet alle buren ken ik even goed. Behalve een kennismaking met de toekomstige bewoners, leer ik ook anderen beter kennen.

Ongemakkelijk

De dagen voor de uitzwaaimiddag had ik een onbestendig gevoel en nu weet ik waarom: een aantal buren heeft Laura en Lennard niet gekend en bij een gelegenheid als dit, wordt er vast gevraagd naar mijn gezinssamenstelling. Vaak, als ik iemand dan vertel dat mijn kind is overleden, zie ik schrik in de ogen van degene die tegenover me zit. En dat is ongemakkelijk. Maar over hen zwijgen, is alsof ik Laura en Lennard negeer en naar achteren schuif naar een verleden waar ik het niet meer over heb. En dat voelt écht niet oké!

‘Voor het gemak zwijgen is alsof ik hen negeer en dat voelt echt niet oké.’

Schrik en schok

Ik raak in gesprek met een buurvrouw. Er wordt gevraagd naar werk en ja, ook naar de kinderen. Hoeveel? Hoe oud? Ik probeer zoveel mogelijk te vragen, om zelf die ene vraag maar niet te krijgen. Tegelijk zou ik graag willen vertellen over Lennard en Laura. Zij horen nog steeds zó bij mij en mijn gezin. Uiteindelijk kom ik er niet onderuit en vertel ik dat Lennard heeft bestaan en is overleden. Ik zie wat ik verwachtte: de schrik en de schok. Ik ervaar het ongemak en het even niet meer weten hoe het gesprek nu verder moet.

‘Ik heb mijn verhaal gedeeld, voor een deel…’

Maar hé, het hoge woord is eruit! Hoewel… Het was nog maar de eerste helft. Als ik nu ook nog vertel over Laura, zal mijn buurvrouw wéér en nog erger schrikken. En dat zal mij weer confronteren met het verlies dat ik leed. Het gesprek gaat verder, het onderwerp ‘kinderen’ gaat over op iets anders. Ik heb mijn verhaal verteld, voor een deel….

Onverdraagzame gedachte

Als ik thuiskom ben ik moe en verdrietig. Door het gaan en komen van buren in de straat, zijn er steeds meer mensen die Laura en Lennard niet hebben gekend en van hun bestaan niet afweten. Het tekent het doorgaan van de tijd, en het verder weg raken van mijn kinderen. Het is een onverdraagzame gedachte, maar het is niet anders voor nu. Misschien komt er een andere keer dat ik meer kan vertellen.

‘Véél liever had ik gewild dat ze ook gewoon in onze straat hadden gewoond.’

Ik troost mezelf met de gedachte dat Laura en Lennard voor altijd wonen in mijn hart. Daar verandert niemand iets aan, al zou de hele straat verhuizen. Het helpt een heel klein beetje. Want liever, véél liever had ik gewild dat ze ook gewoon, net als alle kinderen van de buren, nog in onze straat hadden gewoond.

Bekijk ook