Blog Petra Walinga – Hoe ga ik dit doen God?

Petra Walinga verloor twee keer haar kind. Op een grijze natte dag besluit ze de begraafplaats van haar zoon en dochter op te zoeken. Ineens komt de rauwe waarheid keihard binnen. Ze schreeuwt uit naar God: ‘Mijn God! Hoe kan dit? Het doet zoveel pijn.’

De hemel huilt

Het regent al de hele dag, net als gisteren. Het weer lijkt zich aan te passen aan hoe ik me voel, de hemel huilt, al dagen lang. Geen weer om naar buiten te gaan, naar de begraafplaats. Maar het kan me niet schelen of ik nat word; ik ga! Ik moet daar heen, de onrust uit mijn hoofd laten verdwijnen en rust zoeken.

De begraafplaats voelt vertrouwd

Even later sta ik bij het graf van Laura. Nog maar pas waren we hier met zoveel mensen om Laura te begraven. Nu ben ik er alleen. Het is toch droog geworden. De begraafplaats voelt vertrouwd voor me. Ik kom regelmatig bij het grafje van Lennard. Het is een mooie plek waar ik tot rust kom. Koolmeesjes roepen, en vliegen in een flets zonnetje tussen de bomen. De wind ruist zachtjes door de boomtakken.

Bloemenzee

Het graf van Laura is bedolven onder een enorme bloemenzee. Bijna allemaal in roze, rood en wit. Als het niet zo verdrietig was zou het mooi zijn. Ik schik de bloemen zoals ik wil dat ze daar liggen en van een afstandje kijk ik er naar.
Ineens besef ik dat mijn lieve mooie dochter hier nu zomaar onder de grond ligt in haar kist, versierd met hartjes. De waarheid is rauw en komt binnen.

Hoe kan dit God?

Als ik me omdraai, zie ik een kleine honderd meter verderop het grafje van Lennard liggen. En dan houd ik het niet meer. Er is niemand op de begraafplaats en ik huil. Ik loop van het graf van mijn nog maar pas geleden begraven Lautje, naar het andere graf, waar zes jaar eerder mijn lieve Lennard begraven werd. Het verdriet komt omhoog en ik huil hardop: Mijn God! Hoe kan dit? Hoe moet ik dit ooit gaan doen? Twee van mijn kinderen… Ik kan het niet begrijpen! Het doet zo veel pijn!

God was er

Als ik bij het mooie grafje van Lennard sta voel ik me rustiger worden. Het verdriet om Lennard is er nog steeds, maar ik heb het ingeweven in mijn leven. God was er voor me in de voorbije jaren, toen Lennard zo vaak ziek was en toen hij stierf. Ondanks alle vragen die er waren.

Strijd

Nog steeds snap ik vaak niet wat er in mijn leven gebeurt, en blijf ik mijn vragen stellen. Maar ik heb geleerd dat God weet wat Hij doet en dat Hij een plan heeft met ons leven. Daar wil ik me aan vast blijven houden. De vragen mogen er zijn, tegelijk met het vertrouwen.
Het staat hier in een paar zinnen en lijkt een snelle conclusie. Maar er is veel strijd aan vooraf gegaan om dit nu te kunnen zeggen: dat ik toch op God en Zijn plan blijf vertrouwen.

Ik ga er voor

Ik ga naar huis. Waar de herinneringen aan mijn kinderen zijn. En daar waar het leven door zal gaan. Ik weet wat me te wachten staat de komende tijd, wat het is om te rouwen. Ik zie er tegenop, ik heb er helemaal geen zin in. Maar het moet! Ik ga het wél doen. Het zal niet elke dag zo voelen, maar dat is niet erg. Ik wil er vol voor gaan om hier ook weer doorheen te komen. En ik weet dat God er bij zal zijn.

Bekijk ook