Blog Esther | ‘Mijn vader was altijd mijn steun en toeverlaat’

Totaal onverwacht krijgt Esther een appje van haar moeder: ‘Ik heb 112 gebeld voor papa. We gaan nu de ambulance in.’ De schrik slaat haar om het hart. Sinds Esther weduwe is, is haar vader de rots in de branding. Wat nu?

Net als ik een mailtje wil beantwoorden, krijg ik een appje van mijn moeder. Mijn adem stokt en ik kan alleen maar naar het bericht staren. Ik hoor en zie niets anders meer. ‘Ik heb 112 gebeld voor papa. We gaan nu de ambulance in. Ik vertel straks meer.’

Hersenbloeding

Alsof er ineens een knop in wordt gedrukt, begin ik te schakelen. Hoe kom ik aan informatie? Ik bel de buurman van mijn ouders en dan toch mijn moeder. Gelukkig krijg ik haar gelijk aan de telefoon. Ze vertelt me dat mijn vader waarschijnlijk een hersenbloeding heeft en met spoed naar het ziekenhuis moet.

Nieuwe caravan

Als ik ophang, sla ik mijn handen voor mijn ogen. ‘Nee, nee, nee!’ Dit kan niet waar zijn. Mijn vader… In mei gaat hij met pensioen. Hij heeft net een nieuwe caravan gekocht. Ze gaan allemaal leuke dingen doen. Dit kan niet!

‘Ik zie de angst in zijn ogen’

Een half uur later sta ik in het ziekenhuis. Ik loop gelijk door naar de eerste hulp. Als ik binnenkom hoor ik mijn moeder praten en schuif ik het gordijn opzij. Ik had me zo voorgenomen om sterk te zijn, maar als ik mijn vader aankijk en de tranen in zijn ogen zie verschijnen, begin ik ook te huilen. Zijn hele rechterkant is gevoelloos en ik zie de angst in zijn ogen.

Rots in de branding

Mijn vader is altijd mijn rots in de branding geweest. Vooral toen Dennis ziek werd en hij in Athene in het ziekenhuis belandde. Ik heb heel wat uren met mijn vader gebeld. Ook na het overlijden van Dennis was hij mijn steun en toeverlaat. Hij stoeit met Stijn, repareert de fiets van Isa en helpt mij met aansluiten van mijn speakers. Als ik me ergens zorgen over maak of er gebeurt iets op mijn werk, dan bel ik mijn vader.

‘Nu ben ik degene die sterk moet zijn’

Nu ligt mijn vader daar met tranen in zijn ogen. Mijn steun en toeverlaat. Ik moet er nu voor hem zijn. Nu ben ik degene die sterk moet zijn. Ik praat met de artsen en bel met zijn collega’s en zijn broers. Ik praat met mijn vader en probeer hem zoveel mogelijk op te peppen.

Tranen

Als ik weer in de auto zit op weg naar huis barst ik in tranen uit. Precies dit is het moment dat ik normaal gesproken mijn vader zou bellen. Om even mijn hart te luchten. Hij zou me bemoedigend toespreken en me weer oppeppen. Pap, ik heb je nodig!

Bekijk ook