Terug naar overzicht
Blog

Blog Ella | Een moment tussen droom en realiteit

Ella voedt vol tederheid haar kleine kindje en vraagt zich af: wat zal er van jou worden? Als in een droom spelen zich verschillende beelden af, tot ze plotseling weer bij de realiteit geroepen wordt…

Ik heb je op mijn arm

Ik heb je op mijn arm en observeer je. Ik neem je helemaal in me op. Ik kijk naar je gezichtje. Je kleine neusje, gesloten oogjes met minuscule wimpertjes. Je wangetjes, je kinnetje en je lipjes. Ik streel de kleine haartjes op je hoofd. Wat ben je prachtig. Jouw zachte handjes, met perfecte vingertjes en kleine nageltjes, die om mijn vinger zijn gekruld. Ik zou willen dat je mijn vinger nooit meer losliet en we altijd zo konden blijven zitten. Dicht bij mij, tegen me aan. Veilig en compleet.

‘Ik zou willen dat we altijd zo konden blijven zitten… veilig en compleet.’

Als ik je zo bekijk denk ik aan hoe jouw verdere leven zou zijn geweest. Wat zouden jouw handen allemaal vasthouden? Gereedschap, instrumenten, de handen van iemand anders? Zou je met deze handen bouwen, creatief zijn, muziek maken, zorgen? En wat zouden jouw ogen allemaal te zien krijgen? Zou je de wereld gaan ontdekken, reizen en avonturen beleven? Kunst bestuderen, dikke boeken lezen, oog hebben voor je medemens?

Terug in de realiteit

Wat verlang ik ernaar om jou te leren kennen, de persoon die in dit kleine baby-lijfje woont. Wie je zult zijn, waar je goed in bent en welke rol je in het leven van anderen speelt.

Je doet je oogjes open en kijkt me aan met heldere blauwe oogjes en lange wimpertjes. Het brengt me terug in de realiteit: het is jouw zusje die in mijn armen ligt, niet jij…! Soms lopen jullie vloeiend in elkaar over. Dan lijken jullie met elkaar verweven te zijn en weet ik niet wanneer de realiteit is overgegaan in een herinnering aan toen jij net geboren was en ik jou in mijn armen bewonderde. Of in een dromerige fantasie dat je leeft. Dit keer deden het blauw-gestreepte slaapzakje, haar gesloten oogjes en haar rechtopstaande haartjes me even wanen dat ik jou aan de borst had, gezond en wel. Je was er even. Warm. Ademend. Levend.

‘Het brengt me terug in de realiteit: het is jouw zusje die in mijn armen ligt, niet jij…!’

Altijd dat schaduwrandje

Je zusje geeft me een gulle lach en zoekt vervolgens weer mijn tepel om verder te drinken. De glimlach die ik haar terug geef gaat gepaard met waterlanders: tranen van verdriet én geluk tegelijk. Het gemis dat ik jou nooit in de oogjes heb kunnen kijken. Jouw lach nooit heb mogen aanschouwen. Jouw lipjes nooit om mijn tepel heb voelen sluiten om je te voeden. Jouw handjes die nooit mannen-handen worden om te doen waar ze voor gemaakt zijn. Een toekomst die gesloten blijft.

‘Dankzij jouw zusje – die fysiek zo veel op jou lijkt – kan ik me beter een voorstelling van jou maken.’

En de tranen zijn er ook, omdat mijn geluk om ons kleine meisje altijd een schaduwrandje heeft. Ik wil het niet, maar kan er niet omheen. Toch wint uiteindelijk altijd het geluk: mijn dankbaarheid en blijdschap om haar. En zie ik hoe jij een beetje verder leeft in haar. Dankzij jouw zusje – die fysiek zo veel op jou lijkt – kan ik me beter een voorstelling van jou maken dan voordat zij er was. En daardoor voelt het soms als een glimp van jou als ik naar haar kijk. Als ze bijvoorbeeld in een grijze of donkerblauwe romper op het aankleedkussen ligt. Of als ik papa met haar zie stoeien en haar op haar rug kijk. Dan beeld me eventjes in dat jij het bent en voel ik jou even heel dichtbij. Dan mis ik jou. En ben ik zo dolgelukkig met haar. Gewoon allemaal tegelijk.

gepost in
reacties ...

Wil je een gedenkplek maken en die online kunnen delen met familie en vrienden?

Maak monument

Ik wil een kaars aansteken voor iemand

Ontsteek een kaars