Brief aan mijn dochter Afira

Afira overleed op 17-jarige leeftijd op Texel. Haar moeder, Geeske Hof, schrijft een brief aan haar.

Lieve, lieve Afira,

Vandaag weer op jouw slaapkamer geweest. Alles proeft nog naar jou. Je bed, je overtrek, ja, zelfs je T-shirt waarin je de laatste nacht hier thuis in geslapen hebt en dat nog op het kussen ligt. Ik krijg het nog niet voor elkaar om het te wassen, laat staan op te ruimen. Je tassen met kleren die we na je overlijden meekregen uit Texel staan er ook nog steeds. Ik heb een paar keer geprobeerd kleren eruit te halen maar ook dat lukt niet. Sta ik daar met een shirtje en dan komen die vervelende waterlanders weer. Zo is het met alles op je slaapkamer.

Zelfs de proppen kaftpapier, die je van je havo boeken gehaald hebt, liggen nog onaangeroerd naast de prullenbak. Jouw bureau ademt de sfeer uit van hoe je bezig bent geweest met het behalen van je havodiploma. Aan de kast, vastgeprikt met een punaise, hangen je toelatingspapieren van de Stenden Hogeschool. Je zou daar International Hospitality Management gaan studeren. Wat had je er zin in om na de vakantie mee te beginnen. Mijn gedachten dwalen vaak weg naar hoe het geweest zou zijn, jij en ome Henk, samen een hotel. Het blijft een droom die nooit uit zal komen. Zoals de meeste dromen.

Op de grond, half onder de kast, staan je hockeyschoenen. In hockey had je je gevonden. Je had zelfs een aanbieding van de trainer gekregen om in Amsterdam te komen hockeyen, maar dat was niks voor je want je ging naar Leeuwarden om te studeren en je zou daar een club zoeken. Naast de hockeyschoenen staan je open, zwarte schoenen. Deze had je altijd aan als je een concert moest geven met Tavenu en het NHJFO.

Als meisje van 8 jaar was je al heel beslist, je wilde trompet spelen. Je hebt drie muziekdiploma’s gehaald. O, wat mis ik je bij de trompetsectie waarbij je speelde. De stukken die het NHJFO speelde tijdens jouw uitvaart zorgen ervoor dat ik hier er nog steeds niet zonder tranen naar kan luisteren. Zo kan ik een hele middag op je bed zitten mijmeren terwijl ik de vele kaarten nog eens doorkijk of lees. Onvoorstelbaar zoveel kaarten.

De herinneringen vechten in mijn hoofd om voorrang. Het zijn er zoveel. Natuurlijk, er zijn mooie en hele mooie bij, maar ik weet ook dat je een dondersteen was, gelukkig maar. Wij moeten het doen met deze herinneringen die opgeroepen worden door foto’s, video’s en persoonlijke spulletjes. Je bent geen dag uit mijn of /ons hoofd. En als aandenken hebben papa, Ariëlle en ik  een tatoeage laten zetten. Joran nog niet, maar dat komt wel, omdat hij nog niet weet hoe en wat hij wil. Wij zullen je nooit vergeten. Je zit voor altijd in onze harten. Wij zijn blij dat jij onze dochter en ons zusje bent geweest. Ik eindig met de woorden die op jouw graf staan geschreven: Wij waren dankbaar voor dit leven, dat ons extra vreugde heeft gegeven!!!

Doeg doeg lieve Fiet, doeg doeg lieve Fietepiet. We love you forever!!!

Je mama, Geeske

Bekijk ook