Column Nico | Een rijke stinkerd

Nico van der Voet legt uit welke prachtige betekenis er schuilgaat achter het begraven van mensen in en rondom de kerk.

Ik heb wel eens gehoord dat ‘een rijke stinkerd’ een uitdrukking is voor mensen die vroeger in de kerk begraven werden. Armen werden net buiten de kerk begraven, rijken in het kerkgebouw zelf. De stank van ontbinding zou dan ook in de kerk te ruiken zijn geweest. Vandaar de uitdrukking.

Helaas is er geen enkele middeleeuwse bron die dit verhaaltje kan bevestigen. Dus deze uitleg van ‘rijke stinkerd’ zal wel verzonnen zijn. Wat niet verzonnen is, is dat mensen vroeger in de kerk begraven werden of anders zo dicht mogelijk bij de kerk in de hof. Daar zat een mooie betekenis achter. Je zou kunnen zeggen: een mooie preek.

Hoop

De doden werden begraven zo dicht mogelijk bij de plek waar Christus verkondigd werd. Christus die uit de dood is opgestaan! Mensen werden dus begraven op de plek waar hoop werd doorgegeven. Met de dood is het niet afgelopen!

‘De doden werden niet afgeschreven en vergeten’

Bovendien vormden de gelovigen een gemeenschap van broers en zussen. Dat was niet alleen een gemeenschap met de levenden, maar ook met de gestorvenen. De doden werden niet afgeschreven en vergeten. Tussen de graven door liep men naar de kerk en in de kerk zelf kon men nog de namen lezen van overledenen op de stenen die daar lagen.

Waarschuwing

Een derde aspect was: als je zo dicht bij de doden leeft, word je er bij elke kerkgang aan herinnerd dat het leven eindig is. Er ging van het begraven in en bij de kerk ook een waarschuwing uit: ‘Wees bereid God te ontmoeten!’

En toen kwam rond 1800 Napoleon die het verbood dat mensen nog langer in kerken begraven zouden worden. Als gevolg van dat beleid werden er overal algemene begraafplaatsen aangelegd. Mensen gingen zo’n begraafplaats ‘het kerkhof’ noemen. Ze vergaten dat het oorspronkelijk gewoon de hof, de tuin van de kerk was waarin mensen begraven werden.

‘De band tussen sterven en God werd zwakker’

De band tussen begraven en de kerk werd steeds losser. De band tussen sterven en God werd zwakker. En de hoop op het leven na de dood werd ook minder.  Als predikant ga ik voor in kerkdiensten. In sommige dorpen is er nog een oude begraafplaats rond de kerk intact of is er een algemene begraafplaats pal naast de kerk. Als ik dan niet langs geparkeerde auto’s, maar langs de graven loop naar de ingang van de kerk, doet me dat wel iets.

Leven na de dood

En als ik dan even later op de preekstoel zeg: ‘Wij gaan ons geloof belijden, samen met alle gelovigen van alle tijden en alle plaatsen’, denk ik ook aan de mensen die daar begraven liggen. Zij hebben ons iets doorgegeven en nagelaten: dit geloof in God dat over de grens van de dood heen kijkt.

Bekijk ook