Marjan heeft geen ouders meer

In acht maanden tijd verloor Marjan Moerland (51) haar vader én haar moeder. “Hoewel ze er niet meer zijn, zullen ze altijd in mijn hart blijven.”

Dokter

“Mijn vader was 12 jaar jonger dan mijn moeder en nog geen 61 jaar oud toen hij hoorde dat hij ongeneeslijk ziek was”, vertelt Marjan. “Hij werkte bij de KLM en ging tijdens de feestdagen in december altijd drie weken met mijn moeder naar Thailand. Hoewel hij eigenlijk altijd gezond leefde en nooit ziek was, voelde hij zich al een tijdje niet helemaal lekker.

“Zijn leven was alleen nog te rekken met chemo’s”

Voor hun vakantie, in november 2010 is hij op aandringen van anderen toch maar naar de dokter gegaan. Die stuurde hem gelijk door naar het ziekenhuis en daar werd al heel snel duidelijk dat hij borstvlieskanker had. Zijn leven was alleen nog te rekken met chemo’s en dat heeft hij gedaan.”

‘Ik wacht op je’

Een half jaar later, op het moment dat Marjans vader al heel ziek is, wordt ook haar moeder ziek. Ze heeft blaaskanker. “De artsen gaven mijn moeder nog wel kans op oud worden als ze haar blaas liet weghalen.” Hoewel het een zware operatie is, lijkt in maart 2012 alles goed te zijn.

Marjan vertelt verder: “Waarschijnlijk heeft mijn vader gedacht: het is goed, ik kan gaan. Want in april 2012 is mijn vader op 63-jarige leeftijd overleden. Hij heeft altijd tegen haar gezegd: ‘Ik wacht op je’, maar ook dat ze nog moest gaan genieten van het leven dat ze nog had.”

“Het was de zwaarste nacht van mijn leven: ik heb mijn moeder dood zien gaan.”

Maar als Marjans moeder in juni 2012 weer naar het ziekenhuis moet voor controle blijkt het tot ieders grote schrik  niet goed te zijn. Ze komt in het ziekenhuis te liggen en viert daar haar 75e verjaardag. Marjan: “Dat was niet hoe we het ons voorgesteld hadden. Ze werd steeds zieker en ze kon niet meer naar huis.”

In de nacht van 9 op 10 december waakt Marjan met haar zus en een dochter van haar zus bij het bed van haar moeder. “Het was de zwaarste nacht van mijn leven, ik heb mijn moeder dood zien gaan. Tegelijk was het ook heel mooi om bij haar te kunnen zijn.”

Geen kind meer

“Natuurlijk weet je dat je ouders een keer gaan sterven. Maar het is wel heftig als ze zo kort na elkaar overlijden. En zeker mijn vader was ook nog erg jong. Ik ben nu geen kind meer en mis het geborgen gevoel van thuis. We kunnen niet even meer even bij ze langs en ze zijn er niet bij op verjaardagen en op belangrijke momenten, bijvoorbeeld als onze kinderen van de basisschool afgaan. Maar ik mis ook mijn vader en moeder als persoon. Ik belde eigenlijk elke dag met m’n moeder en dan hadden we het over de dagelijkse dingen. Dat kan nu niet meer. ”

Troost

“Toen mijn ouders zijn overleden, heb ik zowel mijn vader als mijn moeder mogen (meehelpen) met wassen en aankleden. Het was het laatste wat ik nog voor hen kon doen, dat heeft mij heel erg geholpen om mijn verdriet een plek te geven.

Ook mijn kinderen die toen bijna acht en tien jaar oud waren hebben mij geholpen. Ik denk dat ik het veel moeilijker had gehad als zij er niet waren geweest. Voor hen moest ik door. Natuurlijk waren zij ook verdrietig, maar hun leven ging ook wel gewoon door.

En vlak na mijn moeders overlijden hebben we een hond genomen. Ik was er eerst niet voor, maar uiteindelijk mocht het van mij op één voorwaarde. De hond moest Beppie heten, net zoals mijn moeder. Niet dat ik die hond als mijn moeder zie, maar hij brengt afleiding, vreugde en veel liefde.”

Seintje

“Ik geloof dat mijn ouders nu samen zijn, waar ze dan ook zijn, en dat ze het daar goed hebben. Toen mijn moeder ziek was zei ze: ‘Als ik er ben, waar dan ook, dan geef ik een seintje.’ De dag na haar uitvaart droomde ik dat ik werd gebeld door mijn vader. Met zijn duidelijke, donkere stem zei hij: ‘ik wil even laten weten dat je moeder er is.’ Ik werd wakker en besefte: het is goed zo.”

Tekst: Heleen Dekens

Bekijk ook