Vakbond CNV: ‘Rouwverlof moet beter worden geregeld’

Rouw en werk: het blijkt vaak een ingewikkelde combinatie. Waar de één ruimte en tijd krijgt van de werkgever, wordt de ander bij de begrafenis al gevraagd: ‘Wanneer kom je weer werken?’ Uit onderzoek van vakbond CNV blijkt dat veel werkenden in de knel komen nadat zij een dierbare zijn verloren. De bond wil dat dat rouwverlof beter wordt geregeld.

Na het verlies van een dierbare is werken niet meer zo vanzelfsprekend. Veel mensen komen daarbij in de knel, blijkt uit onderzoek van vakbond CNV onder 1100 werkenden die een dierbare verloren.

Werkgevers moeten ervoor zorgen dat mensen veilig terug op hun werk komen na zo’n gebeurtenis’, zegt CNV-voorzitter Piet Fortuin aan de NOS.

De cijfers liegen er niet om: Eén op de vijf geeft aan te weinig steun te krijgen van werk. Eén op de tien mensen kreeg een burn-out door de combinatie van rouw en werk. Een kwart geeft aan langere tijd niet goed te kunnen functioneren. Onder mensen die hun partner of kind verloren, zijn deze cijfers nog hoger. Zo kon 73 procent van hen langere tijd niet goed functioneren.

De vakbond wil dat hier verandering in komt. Bijvoorbeeld door een flexibel opneembaar rouwverlof van twee weken te krijgen. Hoe lang je dat nu krijgt, verschilt per CAO. Daarbij moeten werkgevers extra aandacht hebben voor mensen die hun partner of kind verloren.

Onbepaalde tijd

Blogger Petra Walinga, die na het overlijden van haar zoontje Lennard ook haar dochter Laura (19) verloor, kan over de situatie meepraten. Na het overlijden van Laura meldde ze zich voor onbepaalde tijd ziek op haar werk en had ze geen idee wanneer ze weer zou kunnen werken. Ze ervoer veel ruimte van haar werk, wat ze erg prettig vond. ‘Als er druk uitgeoefend word, merk ik dat ik meer stress krijg en het werken als belastender ervaar.’

Ze vindt het fijn dat er aandacht is voor rouw: ‘Daarmee krijgt wat er is gebeurd, ook op je werk een plek. Ook tijdens het werken rouw ik en denk ik veel aan mijn dochter.’

Want ook daar is ze een rouwende moeder. ‘Ik ben wel aan het werk, maar de rouw en het missen nemen de grootste plek in mijn denken en leven. Dat is er constant, ook al zie je dat niet altijd aan me. Hierdoor denken collega’s er niet altijd aan, of denken zelfs dat het allemaal wel weer goed gaat.’

Balans

De balans tussen werken en rouwen is niet constant, vertelt ze. ‘Het blijft zoeken naar wat kan en wat niet kan. Het is soms nodig om weer een stap terug te doen, als de balans zoek is en er burn-outverschijnselen optreden. Om daarna weer meer plek in te kunnen nemen op het werk.’

Daarbij heeft ze meer tijd en ruimte nodig rond de geboorte- en sterfdagen van Laura en Lennard. ‘Rond die dagen plan ik vakantie in, ik heb de tijd dan echt nodig om me op de rouw te richten. Ik kom niet uitgerust terug op mijn werk, maar heb dan een extra intensieve week gehad.’

Op zulke momenten zou het fijn geweest zijn als er extra rouwverlof ingezet had kunnen worden, zegt Petra. ‘En kan ik mijn vakantiedagen gebruiken waar deze voor bedoeld zijn.’

Bekijk ook