Ga naar submenu Ga naar zoekveld

Blog Esther | ‘Ik ben zo bang dat jij ook doodgaat’

23 december 2020 · Leestijd 4 min

Esther zit met haar kinderen voor de tv als premier Rutte de lockdown afkondigt. Van het nieuws dat alle scholen dichtgaan, is haar zoon Stijn erg ontdaan en verdrietig. Wat is er aan de hand?

Om exact 19.00 uur spreekt premier Rutte ons toe vanuit zijn werkkamer. Gespannen zitten we met z’n drietjes voor de buis. Natuurlijk is vandaag al het een en uitgelekt en zijn we ook door school al voorbereid op het nieuws dat gaat komen. Toch zie ik Stijn zenuwachtig naar het scherm staren. Isa zit wat ongemakkelijk te wiebelen en te giechelen van de zenuwen.

Harde lockdown

Dan krijgen we het onvermijdelijke te horen: een harde lockdown. Ik denk aan mijn vriendin die haar winkel, waar ze zo hard voor werkt, moet sluiten vanwege Corona. Ik denk aan een kennis die meerdere horecagelegenheden heeft en nog langer moet wachten om weer open te kunnen.

Scholen gaan dicht

De scholen gaan dicht. Ik voel de druk van Isa’s schouders afglijden. Ze vindt het heerlijk om online lessen te volgen en meer tijd te hebben voor de opdrachten en tentamens die ze moet leren. Voor iemand als zij, die alle prikkels opvangt, is Corona een verademing, merk ik.

‘Dit is echt verdriet’

Bij Stijn rollen langzaam de tranen uit zijn ogen. ‘Kom eens bij mij zitten, lieverd,’ zeg ik tegen hem. Hij veegt zijn tranen vlug weg en schudt ‘nee’. ‘Er is niets!’ roept hij hard. Als ik hem nog een keer wenk en zeg: ‘Kom even,’ komt hij huilend op mijn schoot zitten. Hij is echt verdrietig. Iedere moeder herkent echt verdriet. Je hebt huilen om iets voor elkaar te krijgen en je hebt echt verdriet. Dit is echt verdriet.

‘Zelfs spelling vind ik leuk!’

‘Ik wil wél naar school! Ik ga mijn vrienden echt heel erg missen en de juffen ook. Ik vind zelfs spelling leuk geworden!’ Weer biggelen de tranen over zijn wangen.

Buiten kickboksen

Ik realiseer mij dat een kind zo’n periode moeilijk kan overzien. Wij, volwassenen, vinden het soms al moeilijk om alles te relativeren, laat staan kinderen. Dus leg ik Stijn uit dat er al twee weken van de lockdown vakantieweken zijn. En dat hij daarna nog maar drie weken online les heeft. In de vakantie mag zijn vriendje een keer komen logeren, kan hij buiten kickboksen en ook buitenspelen met zijn vrienden. Ik zie hem knikken en het lijkt allemaal weer wat mee te vallen.

‘Ik ben zo bang dat jij Corona krijgt’

Toch zie ik dat hij nog steeds verdrietig is. Ik ken hem zo goed dat ik zijn gedachten bijna kan lezen. Althans, dat denk ik. ‘Ben je bang om Corona te krijgen?’ vraag ik. Hij snikt en zegt dan heel verdrietig: ‘Ik ben zo bang dat jij Corona krijgt en doodgaat. Dan heb ik geen papa, maar ook geen mama meer!’ Die gedachte maakt hem zo verdrietig dat hij zijn hoofd in me begraaft en heel hard begint te huilen. Inmiddels biggelen de tranen ook over mijn wangen.

Spierballen

Ik beloof Stijn heel voorzichtig te zijn. ‘Zie je die?’ vraag ik, terwijl ik mijn spierballen laat zien. ‘Wat denk je, gaat mama het gevecht met Corona winnen?’ Er verschijnt een grote glimlach op zijn gezicht. Hij gaat staan en ziet dit als uitnodiging om te stoeien. Tien minuten later lig ik op de grond met Stijn op me. ‘Geef je over!’ roept hij.

Geschreven door

Esther van der Plaat

Ontvang bemoedigende artikelen en verhalen in je mailbox

We sturen je elke week een selectie van indrukwekkende verhalen en inspirerende artikelen.

E-mailadres

Lees ook onze privacyverklaring.