Column Wenka | Zondagskind

Een zondagskind, zo heeft ze zich altijd gevoeld: moeder van drie kinderen en getrouwd met de liefde van haar leven. Een liefdevolle moeder die, ondanks tegenslag, vreugde vond in haar leven. Nu is zij er niet meer. Haar kinderen moeten verder. Hoe? Op dezelfde manier zoals hun moeder in het leven stond.

Goed gekapt, rode lippen en stralende ogen

Vetgedrukt staat het bovenaan de rouwkaart: ‘Ik heb me altijd een zondagskind gevoeld’. Niet alleen door het lettertype, maar vooral door de tekst kwamen deze woorden bij me binnen. Op de voorkant van de kaart een prachtige vrouw. Goed gekapt, rode lippen, strálende ogen. De foto is genomen door zoonlief op haar 70e verjaardag. Toen kon ze weer stralen, na jaren van verdriet en gemis.

Vanaf haar 16e was ze al samen met de liefde van haar leven. Een fantastische relatie, jarenlang intens gelukkig getrouwd, een stabiel en liefdevol gezin. Diagnose borstkanker schudde alle geluk en zekerheden flink door elkaar. Maar zij en haar liefde gingen ervoor. Samen met hun drie kinderen.

Verdoofd bleef ze achter

Operaties en behandelingen volgden. De artsen waren positief gestemd, ze kregen weer hoop. Tot manlief, zomaar opeens, uitgezaaide longkanker bleek te hebben. Zes weken later moest ze hem naar het graf brengen. Veel te jong, veel te vroeg, zoveel plannen hadden ze nog. Ontluisterd, verdoofd en vol verdriet bleef ze achter. Voor haar had het leven alle glans verloren.

De kinderen sleepten moeder erdoor heen, samen met hun kinderen, haar schatten van kleinkinderen. Ook lieve vrienden en trouwe vriendinnen waren er altijd voor haar. Dag en nacht. Zij wisten haar een hart onder de riem te steken, haar te porren voor leuke uitjes, te bewegen vooruít te kijken. ‘Ik heb teveel om voor te leven’, was op een goede dag haar uitspraak. En ze ging er weer voor. Ze koos ervoor te kijken naar wat ze wél had, waar ze wél blij van werd, wat haar weer vreugde en voldoening gaf.

Nu is ook zij er niet meer. Haar geliefden moeten haar na een lange, zorgvolle weg loslaten. Groot is het verdriet, groot de verslagenheid. Het leven heeft voor hen alle glans verloren.

Hoe nu verder?

Na onze zoveelste bak koffie, tijdens het delen van herinneringen, was daar opeens het diepe besef bij alle drie de kinderen: ‘Wat hebben we geboft met zo’n sterke, liefdevolle en altijd betrokken moeder. Wat heeft ze veel voor ons betekend, ons veel geleerd en meegegeven. Gestimuleerd, laten ontdekken, liefgehad, gekoesterd.’ De liefde die in dit gezin met hoofdletters geschreven stond, raakte ook mij. Onvoorwaardelijk, onzelfzuchtig, onbevooroordeeld. Een mooie dienst werd het. Eén waarin de liefde in alles doorklonk.

“Het was stil in mij. Zoveel verdriet, zoveel emotie, zoveel mooie woorden, zoveel verbondenheid”

En nu? Nu moeten ze verder. Maar met elkaar verstaan ze, net als hun moeder, de kunst om vooruit te kijken. Met open ogen voor alles wat ze hen meegaf. Een open hart om uit te delen, open handen om door te geven en een luisterend oor voor noden en zorgen om hen heen. Ze hebben téveel om voor te leven, deze drie kinderen, die een zondagskind als moeder hadden.

Bekijk ook