Bertine verloor haar zoon: ‘Ik ben blij dat we Daan thuis mochten verzorgen’

Vanaf de dag dat Daan wordt geboren, heeft hij extra zorg nodig. Hij heeft het syndroom van Down. Als hij tien jaar oud is, wordt hij zelfstandiger en krijgen zijn ouders meer rust in hun leven. Maar dan krijgt Daan kanker. Op 14-jarige leeftijd overlijdt hij.

‘Natuurlijk zorg je als ouder voor je kind, maar het was heel intensief’, blikt moeder Bertine van de Poll (45) terug op de periode dat Daan leukemie heeft. Drie jaar lang volgt haar dappere zoon een pittig programma met wekelijkse chemokuren. In die tijd zijn er veel opnames in het ziekenhuis, maar ook thuis is Daan vaak erg ziek.

Bertine verleent dan intensieve zorg, ze somt op: ‘Ik hielp hem met aankleden, wassen, eten en gaf medicijnen. Hij kreeg sondevoeding die ik zelf aanlegde en ook ’s nachts controleerde. Regelmatig moest hij overgeven omdat hij zo misselijk was. Soms kon hij amper kon lopen, dan tilde mijn man Erik hem naar boven. Op een gegeven moment was Daan niet meer zindelijk en moesten we hem verschonen.’

Een dag in de week krijgt Bertine hulp van een kinderverpleegkundige Marleen. Daarnaast komen er verschillende mensen langs om bijvoorbeeld een boekje met Daan te lezen. ‘Dan kon ik even boodschappen doen’, vertelt Bertine.

Oppas

Om de zorg voor Daan vol te houden, proberen Bertine en Erik af en toe een etentje samen te plannen. Of ze gaan er juist op uit met hun andere twee kinderen Isa en Thijn (nu 15 en 11 jaar). ‘Dan paste Marleen op, dat was ontzettend fijn. Ik kon namelijk geen gewone oppas inhuren. Daan had zoveel zorg nodig, dat kon ik niet overdragen.’

‘Ik kon en wilde Daan niet alleen laten’

Daan in het ziekenhuis

Na drie jaar chemobehandelingen begint het herstel. ‘Daan krabbelde langzaam op. Het ging steeds beter’, vertelt Bertine. Maar na een jaar blijkt dat de kanker in alle heftigheid terug is en haar zoon wordt opnieuw opgenomen in het ziekenhuis. Bertine wijkt geen moment van zijn zijde.

‘Daan wilde dat ik continu bij hem was. Ik kon en wilde hem niet alleen laten’, vertelt Bertine geëmotioneerd. De herinneringen komen weer boven. ‘Ik zie ons nog zo zitten in het ziekenhuis.’ In die periode wordt duidelijk dat Daan niet zal genezen.

Na negen weken nemen ze Daan mee naar huis, zodat hij thuis kan sterven.

Spanning

Bertine: ‘We stonden onder enorme spanning, we wisten niet hoe lang Daan nog bij ons zou zijn. Tegelijkertijd ging de zorg gewoon door. Vanwege een herseninfarct kon Daan niet meer praten en lopen. Daardoor werd het lichamelijk ook heel zwaar.’

‘Volgens Daan gingen kinderen niet dood’

In die tijd is er elke dag ’s ochtends en ’s avonds hulp van de kinderthuiszorg. Na twee nachten neemt de kinderthuiszorg ook de nachtzorg over. ‘Ik heb zelf twee nachten voor Daan gezorgd, maar dat was veel te intensief: ik was helemaal op.’

Speeltuin

Bertine probeert met Daan over de dood te praten, maar daar wil hij niks van weten. ‘Volgens hem gingen kinderen niet dood.’ Toch vindt Bertine het belangrijk te vertellen wat Daan te wachten staat. Ze snikt: ‘Ik dacht: anders weet hij gewoon niet dat hij zal overlijden.’

Als Daan zo’n drie weken thuis is en zijn situatie plots hard achteruitgaat, vertelt ze hem: ‘Je mag naar de hemel. Daar zijn ook andere kinderen en er is een prachtige speeltuin. Jij mag als eerste, en dan komen wij later’. Toen ontspande hij. ‘Daan wilde altijd overal als eerste zijn’, legt Bertine uit. ‘Toen ik zei dat hij als eerste mocht, zag ik aan zijn gezicht dat het oké was.’ Twee dagen later, op 20 juli 2016, overlijdt hij. ‘Met een grote glimlach op zijn gezicht. Ik weet niet wat hij gezien heeft: misschien een speeltuin, misschien Jezus. Hij zag in ieder geval iets moois.’

Ontwenningsverschijnselen

Het is een grote troost voor Bertine dat Daan op een goede plek is nu. Maar het gemis wordt er niet minder van. ‘De eerste weken na zijn overlijden waren heel bizar. Ik had ontwenningsverschijnselen. Als ik boodschappen deed, kon ik een uur wegblijven maar ook drie uur. Het maakte niet uit. Dat voelde heel raar. Wanneer ik bed lag, dacht ik: hoor ik Daan? Moet ik naar hem toe? Om vervolgens te beseffen: nee, het hoeft niet meer.’

Bertine voelt zich het eerste jaar na Daans overlijden uitgeblust. ‘Ik was ontzettend verdrietig en heel erg moe. Maar ik had nog twee kinderen, ik moest door.’

Dankbaar

Bertine en haar zoon Daan

Bertine en Daan

‘Het gemis zal altijd onderdeel van ons leven blijven. Mijn sociale leven is niet minder geworden, alleen anders. Ik ben mensen kwijtgeraakt in de tijd dat Daan ziek was en overleed. Maar ik heb een paar ontzettend lieve vriendinnen die regelmatig vragen hoe het gaat. Op Daans geboorte- en sterfdag sturen ze vaak een berichtje.

Daarnaast heb ik twee ontzettend lieve zusjes waar ik altijd mijn verhaal kwijt kan. Ik besef dat ik daar echt geluk mee heb. Vaak heb ik geen energie mijn vriendinnen of zussen te appen of bellen. Maar zij staan wel altijd voor mij klaar en blijven contact met mij houden. Ook na vier jaar. Dat vind ik zo bijzonder.’

‘We weten dat morgen alles ineens anders kan zijn’

Terugkijkend op de intensieve zorgperiode is Bertine ook dankbaar. ‘Ik ben blij dat we Daan thuis mochten verzorgen. Vooral voor Daan was het heel fijn dat we als gezin samen konden zijn. Door Daans ziekte en overlijden weten we dat morgen ineens alles anders kan zijn. Dat zorgt ervoor dat we bewuster leven. We genieten van de kleine dingen. Daans slogans waren: ‘Niet piepen’ en ‘Alles komt goed’. Daar houden we ons aan vast.’

————————————————————————————————————————

Mantelzorg

  • Meer weten over rouw na intensieve zorg? Kijk dan eens op de website van MantelzorgNL.
  • In een speciale mantelzorgaflevering van Ik mis je zie je verschillende verhalen over rouw na mantelzorg.

Bekijk ook